Het Verhaal (30)
• vrijdag, oktober 3rd, 2008
Wellicht een wat warrig Verhaal dit keer. Wijt het maar aan een lange, intensieve en indrukwekkende werkdag. Een dag die me diep verdriet deed fotograferen, maar ook opperst geluk.
Het fotopad vandaag bracht me onder meer in een Mariakapel, verlicht door kaarsen, waxinelichtjes. Aan de muur hingen een soort tabernakels waarin zilveren en gouden hartjes, beentjes, armpjes, meisjes- en jongenskopjes hingen en weet ik veel wat. Het was in elk geval véél. Bij elkaar wellicht van voldoende waarde om iets van dezelfde krakkemikkige kerk op te kalefateren.
Al dit kostbaars hangt daar aan alle muren uit dank aan Moeder Maria voor hulp en genezing, steun in zware tijden. Ze hangen daar dus niet voor niets.
Maar tranen welden in mij op toen ik besefte dat ik een dergelijke toevlucht tot het spirituele een beetje mis, nu ik wat ouder en wijzer ben dan dat blonde misdienaartje van weleer.
Tegelijkertijd voelde ik de aanwezigheid van de vele Mariaatjes in mij die me dagelijks troosten via dit weblog. Hoe ze heten zie je onder de comments.
Zij bieden de virtuele schoudertjes, de ondersteunende woorden die de balans een tikje van donker naar licht sturen. Zilveren woorden, korte gouden momenten.
M’n breedbeeldscherm is plat, en met een matgrijze rand. Om jullie woorden heen zou die rand moeten glanzen tot je ogen er pijn van doen, en ingezet met een helder briljantje voor ieder van jullie.
Maar ja, ik ben moe, wat warrig. Zou zogauw niet weten hoe dat te doen.
Weet alleen dat ik ieder van jullie heel, heel dankbaar ben…
Wellicht een wat warrig Verhaal dit keer. Wijt het maar aan een lange, intensieve en indrukwekkende werkdag. Een dag die me diep verdriet deed fotograferen, maar ook opperst geluk.
Het fotopad vandaag bracht me onder meer in een Mariakapel, verlicht door kaarsen, waxinelichtjes. Aan de muur hingen een soort tabernakels waarin zilveren en gouden hartjes, beentjes, armpjes, meisjes- en jongenskopjes hingen en weet ik veel wat. Het was in elk geval véél. Bij elkaar wellicht van voldoende waarde om iets van dezelfde krakkemikkige kerk op te kalefateren.
Al dit kostbaars hangt daar aan alle muren uit dank aan Moeder Maria voor hulp en genezing, steun in zware tijden. Ze hangen daar dus niet voor niets.
Maar tranen welden in mij op toen ik besefte dat ik een dergelijke toevlucht tot het spirituele een beetje mis, nu ik wat ouder en wijzer ben dan dat blonde misdienaartje van weleer.
Tegelijkertijd voelde ik de aanwezigheid van de vele Mariaatjes in mij die me dagelijks troosten via dit weblog. Hoe ze heten zie je onder de comments.
Zij bieden de virtuele schoudertjes, de ondersteunende woorden die de balans een tikje van donker naar licht sturen. Zilveren woorden, korte gouden momenten.
M’n breedbeeldscherm is plat, en met een matgrijze rand. Om jullie woorden heen zou die rand moeten glanzen tot je ogen er pijn van doen, en ingezet met een helder briljantje voor ieder van jullie.
Maar ja, ik ben moe, wat warrig. Zou zogauw niet weten hoe dat te doen.
Weet alleen dat ik ieder van jullie heel, heel dankbaar ben…












