Tussie…
• maandag, februari 27th, 2012
Vandaag moest ik een ‘tussie’ hebben.
Ik heb een prachtig oeveraquarium, maar ik wil de irrigatie van de oever verbeteren. Daarom een wat verlengd leidinkje, en om dat te realiseren had ik een busje nodig waarmee ik twee buisjes kon verbinden.
Niet makkelijk te krijgen zoals snel bleek.
In Roosendaal ga je dan naar Jan Snel. Want Jan Snel, die heeft het wel, is de term en vaak is dat ook zo.
Jan’s grijze winkel is sinds de zeventiger jaren niet veranderd. Je kunt er niets pinnen, je kunt niets ruilen. Gekocht is gekocht.
Verschoten Tomado-artikelen, verbleekt Boerenbond. Alles is er te koop.
Roosendalers zullen volgend tafereel herkennen. Ik vraag om m’n tussie. Jan kijkt met opgetrokken zwaarbehaarde wenkbrauwen mij aan met een blik van ‘wie wil er nu in Godsnaam twee buisjes aan elkaar vast maken’ en schuift vervolgens met schuifmaat naar ‘achteren’. ‘Achter’ bij Jan is zijn magazijn, en daar lijkt echt alles vindbaar. Zo ook mijn tussie.
Pontificaal zet hij het koperen niemandalletje voor me op de toonbank. ‘Dittissum. Eén Euro tien!’ Een handgeschreven vergeeld kasbonnetje toont het nogmaals aan. Pinnen is uit den boze, ook daar waarschuwt een groot bord in zijn winkel voor.
Thuisgekomen blijkt m’n tussie te ruim. Maar dat geeft niet. Ik doe er wel wat kit tussen. Want terugbrengen is uit den boze.
Maar wél voor 1,10 Euro genoten van een geweldige onemanshow..!
Vandaag moest ik een ‘tussie’ hebben.
Ik heb een prachtig oeveraquarium, maar ik wil de irrigatie van de oever verbeteren. Daarom een wat verlengd leidinkje, en om dat te realiseren had ik een busje nodig waarmee ik twee buisjes kon verbinden.
Niet makkelijk te krijgen zoals snel bleek.
In Roosendaal ga je dan naar Jan Snel. Want Jan Snel, die heeft het wel, is de term en vaak is dat ook zo.
Jan’s grijze winkel is sinds de zeventiger jaren niet veranderd. Je kunt er niets pinnen, je kunt niets ruilen. Gekocht is gekocht.
Verschoten Tomado-artikelen, verbleekt Boerenbond. Alles is er te koop.
Roosendalers zullen volgend tafereel herkennen. Ik vraag om m’n tussie. Jan kijkt met opgetrokken zwaarbehaarde wenkbrauwen mij aan met een blik van ‘wie wil er nu in Godsnaam twee buisjes aan elkaar vast maken’ en schuift vervolgens met schuifmaat naar ‘achteren’. ‘Achter’ bij Jan is zijn magazijn, en daar lijkt echt alles vindbaar. Zo ook mijn tussie.
Pontificaal zet hij het koperen niemandalletje voor me op de toonbank. ‘Dittissum. Eén Euro tien!’ Een handgeschreven vergeeld kasbonnetje toont het nogmaals aan. Pinnen is uit den boze, ook daar waarschuwt een groot bord in zijn winkel voor.
Thuisgekomen blijkt m’n tussie te ruim. Maar dat geeft niet. Ik doe er wel wat kit tussen. Want terugbrengen is uit den boze.
Maar wél voor 1,10 Euro genoten van een geweldige onemanshow..!






















